Leerdoelstellingen

Dag 1: Uitgebreide kennismaking en situering van de opleiding
Op de eerste dag maken we uitgebreid kennis met elkaar, elkaars werkplek en de verwachtingen naar de opleiding toe. We verkennen de functie referentiepersoon dementie en wat jullie motivatie is om deze functie op te nemen. Van daaruit blikken we vooruit naar de volledige opleiding. 

Je maakt ook kennis met de werking van de expertisecentra dementie en leert heel wat interessant documentatiemateriaal kennen.

“Een heel mooi begin met een mooie groep van mensen.

Samen met één doel, één gevoel” (feedback van een cursist).

Dag 2: Medische aspecten van dementie
Deze dag benadert het ziektebeeld dementie vanuit medisch oogpunt. Een arts geeft je de nodige medische inzichten mee om zinvol en met kennis van zaken over dementie te kunnen spreken.

We staan stil bij:

  • het onderscheid ziekte en syndroom, prevalentie, oorzaken en vormen van dementie
  • de werking van het geheugen
  • diagnose
  • medicamenteuze mogelijkheden en beperkingen
  • toekomstperspectieven.

Dag 3: De belevingswereld van de persoon met dementie
Dementie is ingrijpend. De moeilijkheden van het geheugen, de taal en gedragscontrole roepen onvermijdelijk gevoelens van angst, machteloosheid, verdriet en schaamte op. Deze verlies-ervaringen mogen echter niet verhullen dat mensen nog veel mogelijkheden hebben tot het ervaren van levenskwaliteit. Wel verandert de manier waarop de persoon zich tot zijn omgeving verhoudt. Dit zo goed mogelijk van binnenuit begrijpen vormt een belangrijke basis voor een optimale afstemming tussen hulpverlener en de persoon met dementie waardoor de persoon met dementie zich beter en sterker kan voelen.

Op deze dag proberen we voeling te krijgen met de beleving van de persoon met dementie doorheen het ziekteproces. Naast het aanbieden van enkele theoretische handvaten, gaan we aan de slag met concrete oefeningen, beeldmateriaal en casuïstiek.

Dag 4: Communicatie met personen met dementie
Tijdens deze dag staan we stil bij een aantal methodieken die ons helpen in de afstemming met de persoon met dementie en zijn omgeving. We belichten het belang van het contactritueel en het zoekend reageren. We onderzoeken de meerwaarde van het belevingsgericht gesprek en oefenen deze methodieken in.

Dag 5: Inzicht in veranderend gedrag
Eén van de meest belastende factoren in begeleiding en zorg voor personen met dementie is het veranderend gedrag.

Op deze dag:

  • gaan we op zoek naar mogelijke oorzaken van dit ‘nieuwe gedrag’
  • staan we stil bij de gevolgen op onszelf als hulpverlener
  • reiken we een stappenplan aan dat ons kan helpen in de benadering van dit gedrag en onderzoeken we
    hoe we preventief en anticiperend kunnen handelen.

Dag 6: Beleving van de naaste omgeving
Dementie is ingrijpend voor alle betrokkenen en moet je dus samen dragen. Het veronderstelt zorg voor het evenwicht in de relationele zorgdriehoek tussen de persoon met dementie, zijn familieleden en mantelzorger(s) en de professionele hulpverleners.

Op deze dag:

  • verkennen we hoe familieleden het ziekteproces ervaren
  • leren we dat eigen achtergrond en gevoeligheden bepalend kunnen zijn voor onze manier van omgaan met de persoon met dementie en hoe bewustwording ervan ons kan helpen beter aan te sluiten bij wat de persoon en zijn mantelzorger (s) precies nodig hebben
  • gaan we na hoe we de draagkracht van de mantelzorgers kunnen versterken en staan stil bij de waarde van ondersteunende methodieken zoals familiegroepen, psycho-educatie …

Dag 7: De functie referentiepersoon dementie waarmaken
Op deze dag zetten we de dementiespecifieke inhoud even op de achtergrond. We gaan aan de slag met onszelf in de rol van referentiepersoon dementie. Samen zoeken we naar antwoorden en invalshoeken.

  • Hoe kan je je team en je organisatie ondersteunen naar een nog hogere kwaliteit van zorg voor de personen met dementie en hun omgeving?
  • Welke factoren in jouw organisatie beïnvloeden je slagkracht?

Dag 8: Sociale kaart en juridische aspecten
Sociale kaart
De veelzijdigheid van dementie leidt onvermijdelijk tot een veelzijdigheid van zorgvormen: het woonzorgcentrum met zijn mogelijkheden tot geriatrisch dagziekenhuis, de geheugenrevalidatie, de thuiszorgorganisaties, respijtzorg …. Ook maatschappelijk is het zorg- en begeleidingslandschap in beweging, denk maar aan initiatieven zoals dementievriendelijke gemeenten en de bewegingen rond de eerstelijnszorg en chronische zorg in Vlaanderen.

We beschrijven enkele boeiende, innoverende en inspirerende initiatieven in binnen- en buitenland en bespreken het Vlaamse dementieplan en zijn betekenis voor het zorglandschap. Aan de hand van  een casus kijken we naar de tegemoetkomingen voor mensen met dementie en hun mantelzorgers. Tot slot staan we even stil bij mogelijke scenario’s voor toekomstige dementiezorg.

Juridische aspecten
Een jurist licht de beschermingsstatuten toe en neemt de aansprakelijkheid en verantwoordelijkheid van de hulpverlener en de wettelijke omkadering rond o.a. gedwongen opname, euthanasie volmachten en de problematiek van rijden en dementie onder de loep.

We leren vanuit het standpunt van de wetgever kijken naar ons handelen als hulpverlener ten aanzien van de persoon met dementie.

Dag 9: Ethisch raamwerk
Vaak worden we in de zorg en omgang met personen met dementie geconfronteerd met ethische kwesties en vragen waarop geen éénduidige oplossing of antwoord gegeven kan worden.

We willen niet zomaar overgaan tot fixatie, kunstmatige voedsel- en vochttoediening, medicatie,  verbod op autorijden …..  De botsing van waarden, soms ook samenhangend met verschillende mensvisies, zet ons aan tot overleg om tot consensus te komen over de meest wenselijke beslissing. Een beslissing die het beste de menselijke waardigheid respecteert.

We bespreken we een werkmodel om met ethische vragen om te gaan. De patiëntenrechten worden ook binnen dit kader geschetst. Het gegeven van vroegtijdige zorgplanning komt hierin ook aan bod.

Dag 10: Inspiratiedag --> Voor alle locaties in Gent
De voorlaatste dag van de opleiding brengt alle cursisten samen op een centrale plaats. Deze dag heeft tot doel jullie te inspireren en meer zicht te laten krijgen op de kansen en knelpunten van een referentiepersoon. We creëren kansen tot ontmoeting en netwerking en laten jullie kennismaken met inspirerende projecten.

Dag 11: Examen en afsluiting
In de voormiddag leggen jullie het schriftelijk examen af, noodzakelijk voor het behalen van het certificaat.  In de namiddag proberen we jullie een laatste keer te inspireren en sluiten de opleiding af met een hapje en drankje.

Pedagogische aanpak: een constructivistische kijk op leren  

Jullie starten deze opleiding met een uitgebreid pakket aan inzichten, vaardigheden en attitudes in jullie rugzak. Deze concrete (praktijk) ervaringen vormen mee het uitgangspunt waaruit we in de opleiding vertrekken.

“Het leerproces is in hoge mate een interactief proces van construeren van nieuwe kennis en vaardigheden op basis van reeds aanwezige informatie bij een persoon”. (Glaser, 1991)

Tijdens de opleiding staan volgende kenmerken van het leren centraal:

  • Leren is actief
    Leren veronderstelt activiteit. Je wordt als cursist uitgedaagd om de (nieuwe) inzichten, vaardigheden en attitudes die tijdens de opleiding aan bod komen, meteen toe te passen in de praktijk.
    Een referentiepersoon dementie wordt op zijn werkplaats aanspreekbaar voor andere collega’s over dementiegerelateerde thema’s.   In die zin is de opleiding niet vrijblijvend. We verwachten dat je actief reflecteert op de cursusinhouden en slaagt voor het examen.
  • Leren is constructief en cumulatief
    We spreken je bewust aan op je reeds aanwezige voorkennis en ervaring. Nieuwe informatie wordt gekoppeld aan eerder verworven competenties.
  • Leren is betekenisvol, doelgericht en zelfgestuurd
    Het leren wordt sterker als de persoon een doel voor ogen heeft dat betekenisvol is voor hem. Daarom dagen we je uit om in een reflectieschrift je leerdoelen te formuleren en deze op te volgen. Als cursist ben je zelf medeverantwoordelijk om je eigen leerproces te beheren en te bewaken.
  • Leren gebeurt in een sociale context
    Leren gebeurt steeds in interactie met anderen.  Andere visies, ervaringen … zorgen voor input die de eigen inzichten en het eigen handelen uitdagen. Daarom ga je als cursist regelmatig in gesprek met collega’s. Niet alleen plenair, maar ook in duo of in kleine groepen.

Reflectieschrift

Tijdens de opleiding krijgt je  regelmatig werkplekopdrachten en reflectievragen mee naar huis. Bedoeling is bewust stil  te staan bij de aangereikte cursusinhouden en hoe deze in het eigen handelen en/of binnen de eigen werking  te integreren. We voorzien regelmatig ruimte voor uitwisseling en feedback op het proces dat je binnen je werkomgeving doorloopt.
De schriftelijke neerslag van deze reflectie is mee een voorwaarde om het certificaat van referentiepersoon dementie te behalen.

Examen

Op de laatste dag van de opleiding voorzien we een schriftelijk examen. Om je certificaat referentiepersoon dementie te krijgen, moet je ook hierop een voldoende halen. Via kennisvragen en casusbesprekingen worden de inhouden van de opleiding in het examen geïntegreerd.